|
Stadskrant 2002-12-04 Oude kern Scheveningen Beschermd Stadsgezicht
Scheveningen-dorp wordt wat de gemeente betreft een beschermd stadsgezicht. Het dorpskarakter wordt bepaald door met name de Keizerstraat, de visserswoningen aan de Zeilstraat en de Ankerstraat, het Dr. De Vissersplein, de restanten van de badplaats rond 1900 langs de kust, het Renbaankwartier, de Badhuiskade/Havenkade, de Badhuisstraat en de Cornelis Jolstraat.
Het raadsvoorstel ligt de komende zes weken ter inzage in het Gemeentelijk Contactcentrum in het Atrium van het stadhuis en het stadsdeelkantoor Scheveningen aan de Scheveningseweg 303. Vervolgens neemt de gemeenteraad een beslissing over het voorstel van het colleg
Het vissersdorp dateert uit het midden van de 14e eeuw. Belangrijk voor de ontwikkeling van het dorp was de aanleg van de Zeestraat (de huidige Scheveningseweg) in 1665 tussen Den Haag en Scheveningen. De groei van het dorp kwam op gang toen Jacob Pronk in 1818 een eenvoudig houten badhuis liet bouwen op de plek van het huidige Kurhaus. Daarmee werd de basis gelegd voor de ontwikkeling van het vissersdorp tot gerenommeerde badplaats. Tot 1850 was Scheveningen nagenoeg geheel gericht op de visserij en aanverwante bedrijven zoals kuiperijen, drogerijen en rokerijen. De groei van de bebouwing met sloppen en smalle straten vond tot 1850 vooral plaats ten westen van de Keizerstraat. Daarna werd ook het gebied tussen de Keizerstraat en de Badhuisweg bebouwd. Voorbeelden daarvan zijn de Zeilstraat en de Ankerstraat. Als gevolg van de slechte woomstandigheden en vooral het gebied rond de Weststraat en de Torenstraat (de huidige Jacob Pronkstraat) vond hier tussen de eerste en tweede wereldoorlog de eerste stadsvernieuwing plaats. Hierbij werd het uit 1905 daterende gebied rond de Roerstraat, Maststraat en Schipperstraat gespaard.
Keizerstraat e.o. In de tweede helft van de 19e eeuw zijn voor de ontwikkeling van de Keizerstraat als winkelstraat panden verbouwd en vernieuwd in onder meer neo-renaissancestijl of art nouveau, Het is niet uitgesloten dat delen van oude casco’s bewaard zijn gebleven. Sommige panden hebben nog een gave en architectonisch waardevolle winkelpui. De uit rond 1875 daterende bebouwing van de Zeilstraat, Ankerstraat en een deel van de Korendijkstraat bestaat uit unieke visserswoningen, waartussen vele gangetjes leiden naar achtergelegen woninkjes. Historische straatlantaarns versterken het straatbeeld. Het Dr. De Visserplein en omgeving is het hart van het saneringsgebied tussen de eerste en tweede wereldoorlog met sobere, maar goed verzorgde sociale woningbouw voor de vissersbevolking. De Jurriaan Kokstraat, aangelegd tussen 1901 en 1907 om de verkeersproblemen op te lossen, heeft de stijl van de Nieuwe Haagse School met portiekbouw in drie lagen in kenmerkende lange stroken met extra accenten op de hoeken.
Badhuisstraat e.o. Het gebied rond de Badhuisstraat geeft een goed beeld van het intieme wonen in het dorp. Bovendien heeft de Badhuisstraat net als de Keizerstraat een historische betekenis als verbinding tussen Den Haag en de badplaats. De bebouwing langs de Havenkade heeft een hoge architectonische kwaliteit. Jammer genoeg staan de straatwanden van de Havenkade en de Badhuiskade/Badhuisstraat er wat verloren bij doordat de binnenhaven gedempt is. Van hoge architectonische kwaliteit is ook de bebouwing aan de Rusthoekstraat, Cornelis Jolstraat en Duinweg/Haringkade.
Kuststrook Typerend voor de kuststrook is de bewaard gebleven stedenbouwkundige opzet van de oude badplaats tussen de Keizerstraat en Jongeneelstraat en de nog aanwezige bebouwing van rond 1900. Daardoor is hier, in tegenstelling tot de rest van de kuststrook, de sfeer van de oude badplaats nog goed te proeven. Een bijzonder element is ook het architectuurbeeld uit de jaren twintig van de vorige eeuw rond het op het duin gebouwde Paviljoen von Wied. Dit Paviljoen werd in opdracht van koning Willem I opgetrokken voor zijn vrouw koningin Wilhelmina. Op het Seinpostduin, aan de Zeeweg en langs de Gevers Deynootweg staan nog veel familiehotels, villa’s en pensions van rond 1900 in de voor die tijd kenmerkende architectuur in neo-renaissance, art nouveau en eclectische stijl, vaak met de voor de badplaats typische houten varanda’s en open loggia’s.
Renbaankwartier Deze badplaatsarchitectuur is ook terug te vinden in het Renbaankwartier, vernoemd naar de in 1846 aangelegde renbaan. Het Renbaankwartier werd gebouwd tussen 1895 en 1910. Vooral grote delen van de Dirk Hoogenraadstraat en de Rotterdamsestraat vertonen de voor een badplaats kenmerkende bebouwing. De hoven en straathoven in de wijk zijn zeer bepalend voor de dorpsachtige sfeer van Scheveningen. Scheveningse vissershuisjes. Het college heeft de gemeenteraad voorgesteld de huisjes en talrijke andere waardevolle elementen uit het verleden te behouden door Scheveningen Dorp aan te wijzen als beschermd stadsgezicht. Noodzakelijke vernieuwingen zijn toegestaan, mits ze passen binnen het cultuurhistorische karakter van het voormalige vissersdorp.
Monumenten op Scheveningen Het cultuurhistorisch erfgoed van Scheveningen is een unieke combinatie van vissersdorp en badplaats. Van ingetogen eenvoud tot mondaine ambiance, van visserij en variété en van bomschuiten en badkoets. Verleden tijd in de eenvoudige werkmans- en visserswoningen, in combinatie met een rijke maar inmiddels grotendeels verdwenen rijke badarchitectuur. Het enige gebouw dat de conjuncturele storm en slopersstromen aan zee trotseerde, is het Paviljoen Von Wied, dat vorige maand 175 jaar bestond. In dit ‘prachtig lustpaleis’ vierde de Nieuwe of Littéraire Sociëteit De Witte onlangs het 200-jarig bestaan. Het Paviljoen is niet alleen in architectonisch opzicht uniek. Dat is het ook en vooral omdat het ligt temidden van het cultuurhistorisch erfgoed van Scheveningen, zoals de vuurtoren, de gedenknaald, het Kurhaus en de Oude Kerk. In het maandblad van de Witte werden regelmatig excursies gepubliceerd langs deze monumentale bakens aan zee met het Paviljoen als vertrekpunt. Twaalf wandelingen via het Paviljoen staan in het door De Nieuwe Haagsche uitgegeven boekje ‘Monumenten op Scheveningen’. Het is geschreven door Hendrik Grootveld, op Scheveningen geboren en getogen in de elfde generatie van Jan (van) Grootveld(t), die zich in 1676 als smid in het Scheveningse Smidsslop vestigde. Grootveld schreef eerder in het blad van de Witte een serie artikelen over de zeereep van Scheveningen. In het boekje duikt hij in de historie van het Paviljoen, maar ook van het Museum Scheveningen, de Gedenknaald, de Vuurtoren, het Seinpostduin, de Watertoren, de Kerktoren en vissersvrouw, het Wandelhoofd en de Pier, het Kurhaus, het Boothuis, de begraafplaats Ter Navolging en het Tolhuis.
Uitgave: Gemeente Den Haag Verschijnt elke drie weken Redactie: Directie Voorlichting en Externe Betrekkingen Rien Schilte (eindredactie) Charlotte Beckers tel.(070) 3532620 fax (070) 3533753 e-mail:
Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft JavaScript nodig om het te kunnen zien.
(Bron: Stadskrant 2002-12-04)
|